Mensje van Keulen wordt vandaag tachtig jaar. Ze is een van de laatst levende kopstukken van een schrijversgeneratie. De meeste hoofdfiguren in haar dagboeken uit de jaren zeventig en tachtig zijn niet meer onder ons. Niet zo gek, gezien hun alcohol- en tabaksgebruik (zie bijvoorbeeld onze archieffoto’s). Sterker nog, Mensje dacht vroeger zelf dat ze de vijftig nooit zou halen, laat staan de tachtig! Maar roken en veel drinken, daar doet Mensje al jaren niet meer aan, zei ze onlangs in een interview in de Volkskrant. Door Lotte Bosch.



 

De dagboeken van Mensje behoren tot mijn favoriete boeken, omdat ze een tijdsbeeld geven van het Amsterdamse literaire wereldje (met de auto van de Pels naar de Kring, grote oplagen van romans, uitgevers met geld) van weleer maar ook van een vrouwenleven dat doodnormaal en uitzonderlijk tegelijk is. Mensje was destijds namelijk een van de weinige succesvolle vrouwen in een mannelijke schrijvers- en kunstenaarskring. Ze was stoer en met de meeste collega’s (Maarten ’t Hart, Gerrit Komrij, Hans Warren, Maarten Biesheuvel) kon ze goed opschieten. Maar ze moest voortdurend opdringerige mannen van zich afslaan en ze werd in de pers regelmatig afgezeken vanwege haar vrouwzijn.

Signeersessie Mensje van Keulen, 11 november 1983 bij Athenaeum. Foto Ewoud de Kat

 

Zoals meer schrijfsters (Carry van Bruggen, Marguerite Duras) die ik bewonder zag Mensje zichzelf nooit als feminist en ze was als jonge vrouw ook niet bepaald een boegbeeld. Zo bleef ze véél te lang bij haar leugenachtige, vreemdgaande echtgenoot L. Maar toen ze eenmaal echt weg was, nam ze zich voor om haar zoon alleen op te voeden. In zekere zin was ze onverschrokken, bovendien gedisciplineerd. Overdag zorgde ze voor hem en het huishouden, soms met hulp van haar Haagse moeder die haar hele leven bij mensen thuis had schoongemaakt. ’s Avonds ging ze vaak de stad in met vrienden, ’s nachts schreef ze haar verhalen, romans, kinderboeken en als ze niet aan het echte werk toekwam schreef in de vervloekte schriften die later zijn uitgroeiden tot de populaire dagboeken Alle dagen laatNeerslag van een huwelijk, Moeder en pen en Omgeslagen dagen. Troostrijke jaarverslagen vol humor, menselijk ongemak en zelfrelativering.

Mensje van Keulen, 26 november 1983, bij Athenaeum. Foto Ewoud de Kat

Dezelfde ingrediënten gebruikt Mensje in haar fictie. Ze kan als geen ander ‘gewone mensen’ in een alledaagse omgeving neerzetten, een dramatische handeling in de allerknulligste context uitwerken, waarin toch grote thema’s als vriendschap, liefde en de dood om de hoek komen kijken, niet zelden met een duister kantje. In haar kleine debuutroman Bleekers zomer komt dit tot uitdrukking in fonetisch geschreven spreektaal (die inmiddels gedateerd overkomt, des te leuker om te lezen) en in haar verhalen met geweldige karakterschetsen en dialogen. Mensje is de koningin van de korte baan.

En nu is daar Mensje Tachtig, een bundeling van drie verhalen met illustraties van Thé Tjong-Khing en de beste auteursfoto van het jaar op de achterflap.

Boekverkoper Lotte Bosch met Mensje van Keulens Tachtig, voor Athenaeum

Lotte Bosch is eventmanager en boekverkoper bij Athenaeum Boekhandel Spui.