Leesfragment: De engel van het verdwijnen

15 oktober 2024, door Slobodan Šnajder

22 oktober verschijnt de nieuwe roman van Slobodan Šnajder, De engel van het verdwijnen (Anđeo nestajanja), uit het Kroatisch vertaald door Roel Schuyt! Wij publiceren voor. Lees een fragment en bestel vast je boek!

Vlak voor de Tweede Wereldoorlog komt in een huis in Zagreb, een mooi, intelligent meisje als dienstbode werken. Anda komt uit de bergen en zal gedurende de moeilijke oorlogsjaren alles ontdekken over haar werkgevers – de een eindigt in een concentratiekamp, de ander zal zich aansluiten bij de Kroatische nationalisten, en weer een ander zal genezing zoeken in een sanatorium…

De engel van het verdwijnen van Slobodan Šnajder is een groots en meeslepend historisch epos, door de schrijver opgedragen aan de stad Zagreb en haar bescheiden helden. De lotgevallen van Anda Berilo zijn die van een volk en van een stad; ze vormen het verhaal over al degenen die in idealen blijven geloven, ook als ze daarin diep worden teleurgesteld.



 

Het Kind Magus

Vondeling van de duisternis
Wie ben ik en wat zal ik worden?

Als u naar mijn leeftijd vraagt, zal ik u zeggen dat ik ouder ben dan ik eruitzie. Wie mij heeft verwekt en wie mij baarde weet ik niet. Ik ben niet in weelde geboren. Een goede vrouw, Barabara Ježek, nam mij in huis. Behalve een dak boven mijn hoofd schonk ze me de naam Magus. Ik weet niet waarom; in de taal die de geleerden onder elkaar spreken, zou dat moeten betekenen: iemand die kan toveren. Maar het kan zijn dat Barbara mijn naam verkeerd ingefluisterd kreeg en dat ik eigenlijk Magnus zou moeten heten, wat ‘groot’ betekent. Ik weet niet wat de naam ‘Magnus’ mij geeft of neemt, maar die past niet bij mijn verschijning. Barbara maakt soms, zij het zelden, een grapje. Ze noemt de dingen niet altijd bij de juiste naam en ze kan een pastoor net zo goed een bisschop noemen. Verder kan ze heel eigenzinnig zijn. Misschien heeft ze me die naam wel gegeven als teken van protest, al weet ik niet waartegen. Gewoon uit protest.
Barbara waakt over de kennis en de macht waarover de vrouwen van weleer beschikten, maar die ze tegenwoordig niet meer hebben. Ze is daar boos om en daarin schuilt het geheim van haar eigenzinnigheid. Veel mensen zijn bang voor haar, ze heeft hen behekst, zeggen ze, en daarom willen ze haar iets aandoen. Ik kan u verzekeren dat ze nooit iemand behekst heeft, maar wel veel mensen heeft geholpen, en ik ben daar een van.
Barbara heeft met mannen geen geluk en dat heeft ze ook nooit gehad, daarom wonen wij hier zonder een man in huis. De laatste die het een tijdje bij ons uithield is hem gesmeerd, ik weet niet waarom. Het kan iets te maken hebben met eieren, waarop ze hem als een broedse kip hadden zien zitten. Ik zou eerder zeggen dat hij is verdwenen omdat hij ervan verdacht werd iets op de kermis gestolen te hebben. De derde persoon bij ons huis is een meisje dat ook kan toveren en de zwijgende taal der dieren kent. Ik zou niet weten waar Barbara haar vandaan heeft, het kind zegt dat ze haar dochter is, maar volgens mij is ze een pleegkind, net als ik.
Ons houten huisje staat ten westen van de Sint-Stephanuskerk, waarnaast de doden begraven worden. Op marktdagen wordt voor de ingang van de kerk druk gehandeld. Ons huisje is opgetrokken aan een beek vol modder en klei, en als je goed kijkt, zie je op de bodem potten en deksels liggen die nog niet bestaan. Er komen daar pottenbakkers die ze uitgraven, de juiste vorm geven, bakken en verkopen.
Een eindje bij de Sint-Stephanuskerk vandaan bevindt zich een graf, waarschijnlijk van een arme man, want rijke mensen worden vlak bij de muur begraven, en soms zelfs in de kerk. Het volk denkt dat het graf ouder is dan het kerkgebouw, en niemand weet wie daarin ligt.
Hoe het ook zij, als je tegenwoordig met je koopwaar naar het westen of het oosten gaat, dan ga je iza greba – voorbij de stadswallen. De man in het graf is de enige die nog van zichzelf zou kunnen zeggen dat hij zich niet buiten de wallen bevindt.
Zo is de naam van de stad, Zagreb, dus ontstaan, en aan de rand daarvan staat ons schamele huisje. Als we daar zijn, kun je ons makkelijk, als kruimels op een schort, in de modder schudden en ongemerkt vertrappen.
De magistraat bekommert zich niet om ons, wat ook zijn voordelen heeft.
Mijn Barbara zegt dat ik een braaf en niet te duur kind ben. Als ik slaap, wat ik nauwelijks doe, vraag ik niet om brood, maar als ik wakker ben, eet ik ook bijna niets en ik groei nauwelijks.
Door mij heen stromen voortdurend beelden waarvan sommige me beangstigen; met andere kan ik niets beginnen en een paar vervullen me met afgrijzen. Sommige zijn voor iedereen te begrijpen, andere alleen voor hen die reeds lang gestorven zijn of nog geboren moeten worden. Maar ik zal die beelden bij me dragen. Ze putten me uit, en wel zo erg dat ik het niet tot het einde van dit boek zal volhouden.
Ik ben een vondeling van de duisternis, ik weet niet wie me gevonden heeft en wie me nog zal vinden.
‘Niemand kan jou doden,’ zegt mijn pleegmoeder dikwijls. Maar ik zou niet graag proberen of dat ook zo is. Hoe dan ook, in het uiterste geval weet ik hoe ik moet zorgen dat de beelden blijven stromen. Want als ze tot stilstand komen, is dat een gevaar voor alle mensen op de wereld: dan komt er aan alles een einde. Of er begint iets nieuws, maar dat is niet zeker.

 

Hier beginnen de visioenen van Magus

Het eerste visioen van het Kind Magus
Anno Domini 1563: De pest in Zagreb

De wonderlijke man met het snavelmasker
Nu spreek ik, het Kind Magus, tot u.
Eerst zie ik de weg, die na de eerste herfstregens vol plassen staat. Hij loopt naar het westen, maar alleen de postkoets weet waarheen hij leidt. Niemand van de pottenbakkers is ooit in die koets gestapt. Alleen de beter gesitueerden gaan weleens op reis, al weten ze niet waarom.
Dan zie ik de huizen. Iets verderop staan er nog twee. Een is van ons. Ze staan aan een beek. Ze zijn van hout, zodat ze ongeveer eens in de tien jaar tot op de grond afbranden. Samen met de balken verbrandt alles wat ze van het leven van de bewoners in zich hebben opgenomen: zweet, verdriet, angst en ten slotte de lucht van wat er werd gekookt.
Zoals u al weet, wonen hier pottenbakkers.
En nu spreek ik, het Kind Magus, verder tot u.
Ik zie een kar met daarvoor twee ossen, zo zwart als roet.
De kar stopt bij de twee huizen die ik al noemde.
Het is net zo’n kar als die waarmee de pottenbakkers hun koopwaar vervoeren.
‘De ossen zijn zo zwart als de modder van de Nijl,’ mompelt Bombastus. Hij is medicus, een arts, en daaraan ontleent hij het recht om zichzelf Paracelsus te noemen, die naam klinkt goed. Hij staat nu bij de beek om te zien wat ik net zag.
De pottenbakkers weten niet wie Paracelsus was, en dat interesseert ze vast ook niet.
Ze weten wel wie Bombastus is.
En dit is zoals ik, Magus, hem nu zie: hij ziet er robuust en welgedaan uit en staat met zijn voeten stevig op de grond geplant tussen twee plassen, en met half toegeknepen ogen kijkt hij naar de zon, die steeds meer naar de westelijke horizon neigt. Hij draagt een zwarte mantel van dikke, zware stof en vrij nieuwe laarzen.
De kleur van zijn mantel past goed bij de zwarte ossen.
Bij elkaar betekent dat echter weinig goeds.
De medicus lijkt meer op een vogel met een grote snavel dan op een menselijk schepsel, of liever gezegd: op een reuzenvogel. Zijn snavel is scherp gebogen en helemaal geel.
Op de kar liggen lichamen van mannen en vrouwen, oude mensen en kleine kinderen. Zoals ze werden opgeraapt, zijn ze op de kar gegooid.
De voerman ziet er ook uit als een vogel. Een vogel die zit te wachten tot er nog een vrachtje bijkomt. Je zou bijna denken dat hij aan potten en bekers denkt. Hij werd ingehuurd door de magistraat van de koninklijke vrijstad Zagreb en de ossen zijn eigendom van de stad. Zijn snavel past blijkbaar niet goed, want hij moet hem voortdurend op zijn plaats duwen.

 

© 2023 Slobodan Šnajder
© 2024 Nederlandse vertaling Roel Schuyt / Wereldbibliotheek

Wil je van je bestaande account gebruikmaken op onze nieuwe website? Je behoudt dan onder meer je bestelgeschiedenis, reeds aangeschafte e-books en je persoonlijke verlanglijst. Als je toestemming geeft krijg je direct een mail om een nieuw wachtwoord in te stellen.

Voer een geldig e-mailadres in

Hostname: pro-mbooks3