Leesfragment: Goden en halfgoden

28 januari 2025, door Jona Lendering en Hein van Dolen

30 januari verschijnt het nieuwe boek van Jona Lendering en Hein van Dolen: Goden en halfgoden. Filon van Byblos over de Fenicische mythologie! Wij publiceren voor. Lees nu een fragment en bestel vast je boek!

In het hart van de oude wereld leefden de Feniciërs. Maar anders dan de hen omringende volken, zoals de Egyptenaren, Mesopotamiërs, Joden, Grieken en Romeinen, zijn de Feniciërs nauwelijks bekend.

Over dit volk schreef Filon van Byblos ooit de negen boekrollen tellende ‘Fenicische Geschiedenis’. Daarvan resteren alleen nog fragmenten, die weinig vertellen over het verleden van Fenicië, maar wel over de mythologie. De fragmenten gaan over de goden waartegen de samenstellers van de Bijbel zich afzetten en bieden verhalen die de vroegste Griekse dichters inspireerden. Ze zijn weliswaar fragmentarisch, maar uitermate interessant voor classici en godsdiensthistorici.

Filon van Byblos’ Fenicische Geschiedenis is tegelijkertijd ook te lezen als het werk van een belezen, Griekstalige geleerde in een welvarende, steeds Romeinser wordende wereld. Hij schuwde de polemiek niet om iets van zijn eigen cultuur te bewaren. Ook al is er weinig over van zijn ‘Fenicische Geschiedenis’, Filon is in zijn doel geslaagd.

Voor Goden en halfgoden maakte classicus en Byzantinoloog Hein van Dolen voor het eerst een Nederlandse vertaling van wat er resteert van de Fenicische geschiedenis. Historicus Jona Lendering schreef de toelichting. Van Dolen en Lendering werkten eerder samen bij de vertaling van Herodotos’ Het verslag van mijn onderzoek.



 

1. Een kennismaking

De Fenicische Geschiedenis van Filon van Byblos had een belangrijke bron voor onze kennis van de antieke cultuur kunnen zijn. Over de Romeinen, de Grieken, de Joden, de Egyptenaren en de Mesopotamiërs weten we dankzij allerlei oude teksten en archeologische vondsten redelijk wat, maar de Feniciërs, die midden tussen de zojuist genoemde volken woonden, zijn minder goed bekend. Als eerste omschrijving kunnen we zeggen dat de Feniciërs de bewoners waren van de havensteden van het huidige Syrië, Libanon en Israël. Daarover straks meer. Voor het moment volstaat de constatering dat er weinig Fenicische teksten resteren en dat bodemonderzoek wordt bemoeilijkt doordat de oude havensteden liggen begraven onder moderne havensteden. Daardoor zijn de Feniciërs slecht bekend. Als we het geschiedwerk van Filon van Byblos hadden kunnen lezen, was onze kennislacune minder groot geweest.
Helaas is Filons Fenicische Geschiedenis verloren. We kennen haar alleen via citaten in de publicaties van latere auteurs, en dan met name de Voorbereiding tot het Evangelie van de vierde-eeuwse christelijke schrijver Eusebios van Caesarea (263-ca. 339). Zijn citaten, gelukkig lang, vormen de kern van het boek dat u nu in handen hebt. De passages die niet aan Eusebios zijn ontleend, zijn te kort om informatief te zijn. Zo telt Fragment 6 slechts zesentwintig Griekse woorden.
We baseren ons dus vooral op Eusebios, die sommige delen van Filons tekst samenvat en andere letterlijk citeert. Zo beschikken we over

  • een passage uit het voorwoord (Fragment 1)
  • een gedicht over het ontstaan van de wereld (Fragment 2a)
  • een stamboom van uitvinders, opgesteld in Tyrus (Fragment 2b)
  • een verslag uit Byblos van het conflict tussen Ouranos en Kronos (Fragment 2c)
  • een overzicht van latere heersers (Fragment 2d)
  • een citaat over mensenoffers (Fragment 3)
  • een beschrijving van slangenculten (Fragment 4)

Oudheidkundigen hebben altijd met belangstelling naar Filon gekeken. Omdat we zo weinig weten over de Feniciërs, biedt elk fragment welkome informatie. Zeker informatie over hun religie is welkom, want de Feniciërs woonden naast de Joden, die in hun religieuze literatuur polemiseren tegen de door de Feniciërs vereerde goden. Berucht is hoe de profeet Elia 450 priesters van Baäl de dood injoeg. Zo’n gebeurtenis maakt nieuwsgierig naar wat de Feniciërs zelf zouden hebben verteld, en Filon lijkt een tipje van de sluier op te lichten.
Zijn boek heette echter niet Fenicische Religie, maar Fenicische Geschiedenis. Het historische overzicht dat je bij die titel zou verwachten, is verloren. Ook daarover zouden we graag het eigen Fenicische verhaal hebben willen lezen, maar de overgeleverde Filonfragmenten hebben vooral betrekking op de mythologie.
Een van de vragen is hoe accuraat Filon de mythen navertelt. Hoewel het op het eerste gezicht betrouwbaar oogt dat hij een bron noemt, een zekere Sanchouniathon, roept dit in feite vragen op. Zulke oeroude verhalen zijn immers algemeen bekend. Andere antieke geschiedschrijvers verantwoorden ook niet waar ze deze of gene mythe hebben gelezen. Het is echter niet alleen vreemd dát Filon een bron vermeldt, het is ook opvallend wát hij vermeldt. Dat is namelijk opvallend complex. De samensteller van zijn bron, Sanchouniathon, zou hebben geleefd vóór de Trojaanse Oorlog en zou zich baseren op een oeroude, door ene Taäutos geschreven tekst over de oudste menselijke geschiedenis. Al met al komt onze kennis van de Fenicische mythologie dus tot ons als Russische pop: Taäutos, dan Sanchouniathon, daarna Filons Fenicische Geschiedenis en dat boek is tot slot overgeleverd in de vorm van citaten.
Op gezag van die oeroude en volgens Filon buitengewoon erudiete Sanchouniathon vernemen we fascinerende verhalen over mensen die zich door uitvindingen dermate verdienstelijk hadden gemaakt, dat de mensen hen waren gaan vereren als weldoeners. Er waren tempels gebouwd, na hun dood was de verering voortgezet en zo was de godsdienst ontstaan. Oudheidkundigen hebben het probleem met die stof twee eeuwen geleden al herkend: de door Filon als Fenicisch gepresenteerde informatie oogt heel erg Grieks. Dat mythen over de goden feitelijk gingen over achtenswaardige koningen uit vervlogen tijden, is namelijk de theorie van de Griekse auteur Euhemeros. We zullen daar nog op ingaan en voor het moment alleen constateren dat Filons tekst zó opzichtig euhemerisch is, dat het voor de grote geleerden van de negentiende en vroege twintigste eeuw een uitgemaakte zaak was dat de Fenicische Geschiedenis een product was van de Grieks-Romeinse wereld. Sanchouniathon en Taäutos waren verzinsels. Wie iets wilde weten over de religie van het oude Fenicië, had weinig aan de Filonfragmenten.
Maar zo makkelijk liet Sanchouniathon zich niet terzijde schuiven. Inmiddels concluderen oudheidkundigen dat Filon wel degelijk gebruik heeft gemaakt van ouder materiaal. Archeologen hebben namelijk honderden kleitabletten opgegraven die inzicht bieden in de oosterse mythologie. Deze vertoont allerlei overeenkomsten met de informatie die Filon toeschrijft aan Sanchouniathon. Filons Fenicische Geschiedenis biedt dus informatie, hoe vervormd ook, over de mythen die ooit circuleerden in het oude Fenicië.
De fragmenten passen dus in diverse contexten: in de christelijke wereld van bisschop Eusebios, in de Romeinse wereld van Filon, in de Fenicische wereld van Sanchouniathon, in de wijdere oud-oosterse wereld en tot slot in een Bijbelse wereld die wij ernaast kunnen leggen. Dat maakt de presentatie van de fragmenten nogal complex. We zullen daarom eerst hoofdstukken wijden aan de Feniciërs en aan de mythische wereld van de Oudheid. Daarop volgen hoofdstukken over Euhemeros en het joodse en christelijke monotheïsme. Pas daarna kijken we naar het weinige dat bekend is over het leven van Filon. Na nog wat observaties over Sanchouniathon komen we dan eindelijk toe aan de vertaalde fragmenten. Voor deze omweg is geen alternatief, maar we zullen zien dat Filon de omweg waard is.

 

Copyright © 2025 Jona Lendering en Hein van Dolen

Wil je van je bestaande account gebruikmaken op onze nieuwe website? Je behoudt dan onder meer je bestelgeschiedenis, reeds aangeschafte e-books en je persoonlijke verlanglijst. Als je toestemming geeft krijg je direct een mail om een nieuw wachtwoord in te stellen.

Voer een geldig e-mailadres in

Hostname: pro-mbooks3