Leesfragment: Peter Pan

27 september 2025, door J.M. Barrie

30 september verschijnt J.M. Barries Peter Pan in de nieuwe vertaling van Esther Ottens en met illustraties van Floor Rieder! Wij publiceren voor. Lees en bekijk een fragment en reserveer dat boek!

Ga mee met Peter Pan op een magisch avontuur naar Nooitland in deze tijdloze klassieker van J.M. Barrie. Deze frisse en gloednieuwe editie is prachtig vertaald door de getalenteerde Esther Ottens. Floor Rieder, prijswinnend illustrator en vormgever, en onder andere bekend van haar kleurrijke tekeningen van Alice in Wonderland, laat een nieuwe generatie lezers geloven in magie en verbeeldingskracht.

Er zijn maar weinig verhalen die dezelfde onbetwiste klassiekerstatus genieten als Peter Pan. Wie dit verhaal leest, zal al snel begrijpen waarom. Het avontuur van Peter Pan, die Wendy en haar broertjes meeneemt naar het fascinerende eiland Nooitland en daar een eindeloze strijd voert met de beruchte Kapitein Haak, is zowel opwindend, hartverwarmend als doorspekt met humor. Het is een eerbetoon aan de grenzeloze kracht van de verbeelding.

Deze fonkelende uitgave is vertaald en zorgvuldig bewerkt door de ervaren meester-vertaalster Esther Ottens. Met haar unieke, krachtige en gedurfde illustraties heeft Gouden Penseel-winnares Floor Rieder het geliefde verhaal een zeer eigenzinnige en originele uitstraling gegeven, waardoor dit boek nog meer zal schitteren dan ooit tevoren. Peter Pan is geschikt voor lezers van 8 jaar en ouder.



 

Illustratie van Floor Rieder. Boekenkast met moeder er geknield voor. Uit: J.M. Barrie, Peter Pan, vertaling Esther Ottens

Mevrouw Schat hoorde voor het eerst van Peter toen ze de gedachten van haar kinderen op orde bracht. Elke goede moeder heeft de gewoonte om ’s avonds als de kinderen slapen in hun hoofd te kijken en de boel voor de volgende ochtend aan kant te maken; om alles wat die dag van zijn plek is geraakt weer netjes terug te leggen. Als je wakker zou kunnen blijven (maar dat lukt natuurlijk niet), zou je je eigen moeder bezig kunnen zien – en wat zou je dát interessant vinden. Het lijkt nog het meest op het opruimen van een ladekast. Je ziet haar zitten op haar knieën, glimlachend bij sommige dingen die ze vindt, zich afvragend waar je het in hemelsnaam vandaan hebt. Ze doet leuke en minder leuke ontdekkingen, houdt het ene tegen haar wang, alsof het zacht is als een klein poesje, en propt het andere vlug achter in een hoek. Als je de volgende ochtend wakker wordt, liggen de stoute streken en boze buien waarmee je naar bed ging klein opgevouwen onderop en vind je bovenop, lekker luchtig uitgespreid, je braafste gedachten, die je zo weer terug kunt pakken.
Ik weet niet of je ooit een kaart van iemands gedachten hebt gezien. Dokters tekenen weleens een kaart van andere delen van je, en dat kan reuze boeiend zijn, maar je moet ze eens zien als ze kindergedachten in kaart proberen te brengen, want die zijn niet alleen rommelig, ze draaien ook de hele tijd in kringetjes rond.
Op de kaart komen zigzaglijnen, zoals op een grafi ek van je temperatuur, en dat zijn waarschijnlijk wegen op het eiland, want Nooitland is altijd min of meer een eiland, met links en rechts explosies van kleur, en koraalriff en en slanke schepen voor de kust, en wilde beesten en verlaten holen en kabouters die bijna altijd kleermaker zijn en grotten waar een rivier doorheen stroomt en prinsen met zes grote broers en een hut die op instorten staat en één heel klein oud dametje met een haakneus. Het zou nog een makkelijke kaart zijn als dat alles was, maar er zijn ook nog eerste schooldagen, kerken, vaders, vijvers in parken, gebreide kleren, moorden, ophangingen, werkwoorden met de derde naamval, chocoladevladagen, eerste bretels, dokters die willen dat je aah zegt, stuivers voor als je zelf je tand uittrekt en ga zo maar door, en soms horen deze dingen bij het eiland en soms staan ze op een andere kaart die erdoorheen schemert, wat het allemaal nogal verwarrend maakt, zeker omdat alles de hele tijd beweegt.
Er zijn uiteraard grote verschillen tussen Nooitlanden. Op dat van Jan was bijvoorbeeld een lagune met vliegende flamingo’s erboven waar Jan op schoot, terwijl er bij Michiel, die nog maar klein was, een flamingo leefde met vliegende lagunes erboven.
Jan woonde in een omgekeerde boot op het strand, Michiel in een wigwam, Wendy in een huisje van aan elkaar genaaide bladeren. Jan had geen vrienden, Michiel had ’s nachts vrienden, Wendy had een wolfje dat door zijn ouders in de steek was gelaten. Maar in het algemeen vertonen de Nooitlanden familietrekjes, en als ze op een rijtje stil zouden willen blijven staan, zou je bijvoorbeeld kunnen zeggen dat ze dezelfde neus hadden. Op deze betoverende kusten laten spelende kinderen eeuwig en altijd hun biezenbootje op het strand lopen. Ook wij hebben het gedaan; we kunnen het geluid van de branding nog horen, maar aan land gaan zullen we niet meer.
Van alle verrukkelijke eilanden is Nooitland het meest knus en compact, niet groot en weids, je weet wel, met vermoeiende afstanden tussen het ene avontuur en het andere, maar alles lekker dicht op elkaar. Als je er overdag speelt, met de stoelen en het tafellaken, is er helemaal niets engs aan, maar de twee minuten voor je in slaap valt wordt het bijna echt. Daarom bestaan er nachtlichtjes.

Illustratie Floor Rieder: Wendy in bed, moeder leest voor. Uit: J.M. Barrie, Peter Pan, vertaald door Esther Ottens

Op haar reizen door de gedachten van haar kinderen kwam mevrouw Schat ook weleens iets tegen wat ze niet begreep, en het raadselachtigste daarvan vond ze de naam ‘Peter’. Ze kende geen Peter, en toch dook hij soms op in de gedachten van Jan en Michiel, terwijl die van Wendy er steeds voller van begonnen te worden. De naam was vetter gedrukt dan alle andere woorden, en als mevrouw Schat er zo naar keek maakte hij vreemd genoeg maar een verwaande indruk op haar.
‘Ja, hij is best verwaand,’ moest Wendy toegeven. Haar moeder had haar vragen gesteld.
‘Maar wie is het dan, lieverd?’
‘Peter Pan, mama, dat weet je toch wel.’
Eerst wist mevrouw Schat het absoluut niet, maar terugdenkend aan haar kindertijd herinnerde ze zich vaag een Peter Pan die bij de elfen scheen te wonen. Er deden vreemde verhalen over hem de ronde, bijvoorbeeld dat als kinderen stierven, hij een stuk met ze mee reisde zodat ze niet bang hoefden te zijn. Vroeger geloofde ze in hem, maar nu ze getrouwd was en bij haar volle verstand, dacht ze niet dat er echt zo’n figuur bestond.
‘Bovendien,’ zei ze, ‘zou hij inmiddels wel volwassen zijn.’
‘Nee hoor, hij is niet volwassen,’ bezwoer Wendy, ‘hij is net zo groot als ik.’ Ze bedoelde dat hij in lichaam en geest net zo’n kind was als zij. Ze wist niet hoe ze dat wist, ze wist het gewoon.
Mevrouw Schat ging bij meneer Schat te rade, maar die haalde er glimlachend zijn schouders over op.
‘Let op mijn woorden,’ zei hij, ‘dit is een of ander onzinverhaal dat Nana de kinderen wijs heeft gemaakt. Echt iets voor een hond om zo te denken. Geen aandacht aan besteden, dan waait het vanzelf over.’
Maar het waaide niet over, en niet lang daarna bezorgde het ergerlijke joch mevrouw Schat een hevige schrik.

[…]

 

© 2025 Gottmer Uitgevers Groep BV, Postbus 317, 2000 AH Haarlem
© 2025 illustraties Floor Rieder

Wil je van je bestaande account gebruikmaken op onze nieuwe website? Je behoudt dan onder meer je bestelgeschiedenis, reeds aangeschafte e-books en je persoonlijke verlanglijst. Als je toestemming geeft krijg je direct een mail om een nieuw wachtwoord in te stellen.

Voer een geldig e-mailadres in

Hostname: pro-mbooks3