Leesfragment: De correspondente

18 juni 2026, door Virginia Evans

Nu in onze boekhandels: Virginia Evans’ met de Women’s Prize bekroonde roman De correspondente (The Correspondent, vertaling Linda Broeder)! Tijd voor een fragment.

Verpand je hart aan de onvergetelijke Sybil Van Antwerp. In schitterend geschreven brieven kijkt de gepensioneerde advocate soms met wroeging, soms met berusting terug op haar leven. Een leven getekend door het nodige leed, maar een leven dat nog steeds verrassingen, veranderingen en onverwachte tweede kansen in petto blijkt te hebben. De correspondente is een zeldzaam rake roman vol wijsheid, verdriet, vreugde en verbinding.

De gepensioneerde Sybil Van Antwerp – een voormalige steradvocate die beslist niet op haar mondje is gevallen – schrijft iedere ochtend brieven. Jeugdvriendinnen, haar volwassen kinderen, lievelingsschrijvers, haar geadopteerde broer: ze ontvangen allemaal post van de geestige, bij vlagen knorrige, maar bovenal innemende vrouw. Ze keert ook vaak terug naar een lange, doorlopende brief, de enige die ze niet verstuurt. Door de brieven probeert Sybil grip op de wereld te krijgen, en de balans op te maken van haar lange, volle leven. Een leven dat getekend is door tragedie. Wanneer Sybil opdringerige brieven begint te ontvangen van een anonieme afzender, beseft ze dat ze de fouten en geheimen uit haar verleden onder ogen moet zien.

 

Een voorwoord

Op maandagochtend rond tien uur, halfelf, loopt Sybil Van Antwerp eindelijk met de mok Irish breakfast-thee met melk naar haar bureau. Het bed is opgemaakt, de vaat is gewassen en staat op een theedoek naast de gootsteen te drogen, de planten hebben water gekregen, de boekenplanken zijn gestoft. Ze schuift de stoel nauwkeurig aan, waarna ze een tijdje uit het raam kijkt naar haar tuin en naar de rivier beneden, naar de paar witte driehoekige zeilen in de verte, de weerspiegeling van de hemel in het weidse water, de grote herenhuizen aan de kant van Annapolis. Tevreden legt ze de bundel briefpapier recht, en de kleine, altijd wisselende stapel boeken die ze nog wil lezen. Ze ordent de pennen in de houder. Ze telt haar postzegels. Ze bekijkt de stapel brieven die ze heeft gekregen maar nog niet beantwoord; een lijst die ze bijhoudt van brieven die ze nog wil schrijven; een bundel papieren die ondersteboven in de la liggen, een brief die ze nu al jaren aan het schrijven is, nog altijd niet verstuurd. Sybil is een moeder en een grootmoeder, gescheiden, met pensioen na een glansrijke carrière in de rechten; dit alles is hier om haar heen terug te vinden, maar het is deze correspondentie…
Op woensdag gaat het net zo.
En op vrijdag.
En op zaterdag.
Op maandag rond tien uur, halfelf gaat Sybil Van Antwerp weer aan haar bureau zitten. Deze correspondentie is haar manier van leven.

 

 

Felix Stone
7 Rue de la Papillon
84220 Gordes
FRANKRIJK

2 juni 2012

Felix, mijn lieve broer,

Bedankt voor de verjaardagskaart, de vulpen en het boek, dat ik ben gaan lezen op de dag dat het aankwam (donderdag) en vandaag heb uitgelezen. Het was precies zoals je het beschreef. Eigenaardig en prikkelend, inventief, en echt iets voor mij. Drieënzeventig voelt hetzelfde als tweeënzeventig, voor wat het waard is – artritis, constipatie en slaapproblemen, en ik heb besloten mijn haar niet meer te verven. Ik geef weinig om mijn verjaardag, zoals je weet, al is het altijd aardig van je dat je eraan denkt. Trudy en Millie zijn uiteraard langs geweest voor een hapje en een kaartspelletje. De kinderen hebben allebei iets laten horen – Bruce liet een aardbeientaart bezorgen van de bakker (hij komt toch volgend weekend langs om mijn dakgoten schoon te maken), maar die smaakte vreselijk, dus ik heb hem weggegooid. Heeft hem waarschijnlijk een fortuin gekost. Fiona belde vanuit Londen. Ze zei dat ze pas weer met Kerstmis naar huis komt omdat ze het druk heeft met haar werk, en ze moet nu iets ontwerpen in Sydney, godbetert, dus zit ze een maand in Australië. Ze verzekerde me dat Walt het niet erg vindt dat ze zo vaak weg is, maar ik weet echt niet hoe hun huwelijk dit zal overleven. En kinderen krijgen zal zo al helemaal niet lukken. (Ze zijn het niet eens aan het proberen. Niet dat ik weet, in elk geval. Als ik erover begin, kapt ze me af.) Theodore Lübeck van verderop in de straat kwam me rozen uit zijn eigen tuin brengen, zoals elk jaar, wat aardig is van hem, ook al is hij een afvallige uit het wetteloze Wilde Westen.
Hoe is het in Frankrijk? Hoe is het met Stewart? Wat ben je aan het schrijven? Bedankt voor je uitnodiging om op bezoek te komen, aardig van je om het nog eens te vragen. Ja, ik heb van The Château genoten, maar dat was een roman, en hoe graag ik je nieuwe huis ook zou willen zien, toch kom ik niet. Zoals een zomermiddag prachtig is vanuit de airconditioning binnen, maar heet, benauwd en ellendig zodra je de deur uit stapt, zo is een ansichtkaart van Frankrijk met velden vol lavendel en zonnebloemen waarschijnlijk ook een stuk aanlokkelijker dan de plek zelf. Het is tegenwoordig zo’n gedoe om te vliegen met al die veiligheidscontroles en regels over bagageafmetingen en kleine flesjes waarin je je crèmes en lenzenvloeistof moet overgieten. Dat staat me behoorlijk tegen, en toen je naar een ander continent verhuisde, heb ik je al duidelijk gezegd dat ik niet zou langskomen.
Ik was wat dozen aan het doorspitten en stuitte op deze foto (bijl.) van de dag dat ze jou mee naar huis namen van de nonnen. Met dat korte broekje en kale hoofd. De cirkel is rond. Moeder ziet er prachtig uit en ik ken geen andere foto van haar in dat groene mantelpakje, maar ik kan het me nog goed herinneren. Ik herinner me die dag nog alsof het gisteren was. Ik herinner me dat er een zware storm was geweest, geen regen, maar een vreemde wind en hoge temperatuur, en er lag een omgevallen boom in de tuin met takken en twijgen, en ik weet nog dat de buurvrouw, mevrouw Curry, avondeten had gemaakt, stoofpot en chocoladetaart, en ik had de hele middag zitten wachten tot de auto jou kwam brengen. Mitsy kon die ochtend niet komen helpen met het huishouden omdat de storm de kabels van de Canton-brug had vernield, dus had ik gestoft, de bedden opgemaakt, de gordijnen opengedaan. Weet jij wie die foto heeft genomen? Moeders zus Heloise was er om op mij te passen, maar Heloise lijkt me niet het type om foto’s te maken. Dit zal denk ik ons eerste familieportret zijn geweest. Ik geef het aan jou, want ik heb mijn eigen foto van de dag dat ze mij in huis haalden.

Groeten aan Stewart, uiteraard,
van je liefhebbende zus,
Sybil

Naschrift: Felix, ik heb gisteravond een botsinkje gehad. Het stelde verder weinig voor, ik ben in orde, maar de Cadillac moest naar de garage. Eigenlijk is het vooral onhandig.

 

2 juni 2012

Beste meneer Lübeck,

Bedankt voor de prachtige witte rozen die u op mijn verjaardag, 29 mei, op mijn veranda had achtergelaten. Verder heb ik vanmorgen uw voicemailbericht ontvangen. Ik werd gisteravond met de taxi thuisgebracht vanwege een kleine botsing met de auto, maar alles wordt geregeld.

Groeten,
Sybil Van Antwerp

 

Ann Patchett
p/a Parnassus Books
3900 Hillsboro Pike #14
Nashville, TN 37215

 

2 juni 2012

Beste Ann,

Ik schrijf je om je te feliciteren met je nieuwste roman, State of Wonder, die mijn broer me voor mijn verjaardag had gegeven. Ik heb hem vanmorgen uitgelezen. Het is vandaag zaterdag en ik was pas donderdag in het boek begonnen, wat op zich al veelzeggend is, hoewel je dat niet kunt weten omdat we vreemden zijn, hoewel niet helemaal, aangezien we al eens eerder brieven hebben uitgewisseld, namelijk aan het begin van het millennium toen ik je eerste grote hit Bel Canto had gelezen en je me een brief terugstuurde, waarin je me complimenteerde met mijn handschrift en me aanspoorde je bij je voornaam te noemen. Misschien – maar misschien ook niet, afhankelijk van het aantal brieven dat je ontvangt en leest – herinner je je nog uit die brief dat ik erg van Bel Canto heb genoten, maar dit nieuwe boek is nog beter. (Voor de volledigheid moet ik hieraan toevoegen dat ik je ook heb geschreven na het lezen van je vorige boek, Run, al heb ik toen niets teruggehoord, maar dat geeft verder niet, dus maak je daar maar niet druk om.)
Normaal gesproken doe ik er vier dagen over om een roman van gemiddelde omvang te lezen, maar ik vloog door State of Wonder heen, met die exotische setting in het Amazonegebied en die intelligente, buitengewoon complexe vrouwen dr. Singh en dr. Swenson. Hoe weet je hier zoveel over – al die details over de Amazone, al die wetenschap? Ben je ernaartoe gereisd? Ik was benieuwd naar de verhouding tussen feit en fictie wat betreft de boomschors. De scène waarin de reusachtige slang vanuit het water de boot op glibbert en zijn gespierde slangenlijf om het kind Easter wikkelt terwijl de Amerikanen geschokt toekijken, de stilte van die scène was haast filmisch. Ik heb mijn adem geloof ik wel vijf bladzijden of langer ingehouden. En dan was er natuurlijk nog de zwangerschap van dr. Swenson op haar leeftijd (mijn leeftijd! Dr. Swenson is drieënzeventig, net als ik). Ik moet er niet aan denken. Het moment dat ze de baby haalden, vlak voor het einde, nou de rillingen liepen me over de rug, maar het was geweldig om over zo’n complexe vrouw van haar leeftijd te lezen, zo uitgesproken in haar intelligentie en waardigheid maar ook in haar fouten, en over de vele lagen van haar persoonlijkheid. Ik ben geen wetenschapper – ik had een carrière in de rechten – maar ik herkende wel iets van mezelf in haar. De pijnlijke ethische vragen waarvoor de lezer haar ter verantwoording roept. De verwondering die men in deze fase van het leven voelt – een soort verbijstering maar ook verwarring, wat leidt tot een soort bezorgdheid, of een soort angst, denk ik. Hoe zijn we hier beland? Hoe is dit mogelijk? Mijn schoonzus Rosalie en ik wisselen boeken uit en ik weet zeker dat ze dit boek geweldig zal vinden, dus dat komt goed uit.
Mocht je ooit in Annapolis zijn, weet dan dat ik je graag zou ontvangen. Ik heb een klein huis, verscholen in een charmante oude buurt met imposante oude bomen, waar de huizen ver uit elkaar staan. Het staat op een landpunt aan het water, en boven bevindt zich een mooie grote logeerkamer met een eigen toilet en een dakraam dat uitkijkt op de Severn, dus je kunt de boten zien en de grote huizen aan de overkant, evenals mijn tuin, die ik zorgvuldig onderhoud, daar onder het raam. Ik woon alleen en kom verder slechts boven om schoon te maken nadat ik gasten heb ontvangen, dus het is helemaal privé en ik denk dat je er erg comfortabel zou kunnen verblijven. Ik ben geen schrijver, maar het lijkt me een fijne plek om een boek te schrijven, dus nogmaals, je bent van harte welkom als je ooit in de buurt bent. Op slechts een steenworp afstand van Washington DC.

Tot het volgende boek, of je bezoek,
en met hartelijke groeten,
Sybil Van Antwerp

 

(vervolg 2 juni 2012, voorgaande bladzijden
NIET VERSTUURD)

Ik heb de auto in de prak gereden. Ik kwam terug van een lezing in de bibliotheek, en het was donker en ik botste op een lage betonnen muur. Volgens de monteur is het voertuig waarschijnlijk niet meer te repareren. Ik ben lichamelijk in orde, maar ik ben er wel flink van geschrokken. Echt flink geschrokken. Van het ongeluk zelf natuurlijk – het lawaai, dat de Cadillac helemaal in de kreukels ligt – maar ook van wat er gebeurde… wat er gebeurde. Dat weet ik niet precies. Nou ja […]

 

© 2025 Virginia Evans
© 2026 Nederlandse vertaling Linda Broeder

Wil je van je bestaande account gebruikmaken op onze nieuwe website? Je behoudt dan onder meer je bestelgeschiedenis, reeds aangeschafte e-books en je persoonlijke verlanglijst. Als je toestemming geeft krijg je direct een mail om een nieuw wachtwoord in te stellen.

Voer een geldig e-mailadres in

Hostname: pro-mbooks3