Rémi. Zijn naam is spreekwoordelijk eenzaam geworden, en dat staat nog steeds: de ellende van het telkens vinden en verliezen van familie weerklinkt ook in Tiny Fisschers bewerking van Hector Malots klassieker Alleen op de wereld, vaste waarde in de Grote Vriendelijke Honderd, in 2025 op #50.
De bewerking
Ook, schrijf ik, want Fisscher is behalve gewaardeerd kinderboekenschrijver ook rigoureus bewerker van klassiekers van Charles Dickens, Antoine de Saint-Exupéry, Jules Verne, P.L. Travers (al staat er hier 'vertaling' op het omslag), Hugh Lofting, Khalil Gibran en Lewis Carroll. Ze staat niet op dit omslag vermeld, en dat is volkomen onterecht, want ze deed veel meer dan vertalen. De recentste vertaling is die van August Willemsen (slechts als e-book leverbaar), en die begint zo:
‘Ik ben een vondeling.
Maar tot mijn achtste jaar heb ik gedacht dat ik, net als alle andere kinderen, een moeder had, want wanneer ik huilde was er altijd een vrouw die me zo teder tegen zich aan drukte en in haar armen wiegde, dat mijn tranen ophielden te stromen.’
Fisschers bewerking:
‘Rémi was een vondeling. Dat had hij lange tijd niet geweten — tot zijn achtste jaar wist hij niet beter dan dat moeder Barberin zijn moeder was. Als hij huilde, nam ze hem altijd troostend in haar armen...’
Er valt een heel zinnige discussie te voeren over hervertalen versus hervertellen (op NRC droeg Mirjam Noorduijn daar recent aan bij, over Fisschers Alice-bewerking), en die zou je ook bij deze zinnen kunnen beginnen. Fisscher maakt er een derdepersoonsvertelling van, knipt de zinnen op en maakt ze iets strakker. De tederheid en het wiegen zijn verdwenen. De strekking blijft. Verderop in de bewerking, merkte Thomas de Veen, toen de kinderboekenrecensent van NRC, destijds op, ontbreken vooral uitweidingen en het ‘ellenlange gejammer’ van Rémi. In de samenvatting wordt dat gejammer wel wat clichématig, stelt De Veen vast.
Nieuwe familie en nieuwe ellende
Ik heb de vergelijking niet gemaakt, ik heb ooit de versie in de reeks Wereldberoemde Jeugdboeken voor jongeren en volwassenen van Lekturama gelezen, en was getuige van een huilende dochter toen mijn vriendin Fisschers bewerking voorlas. Maar ook deze versie raakt je. Al was het maar door de onversneden ontberingen: Rémi moet zijn (pleeg)moeder Barberin verlaten, en wordt meegesleept door rondreizend straatartiest Vitalis, die hem laat optreden met zijn honden en zijn aapje. Die Vitalis blijkt toch wel een sympathieke man, die Rémi heel veel leert, maar als in één winternacht de troep door wolven en de vrieskou gehalveerd wordt, begint de ellende.
En het gaat telkens mis. Dat is extra verdrietig omdat onze vondeling telkens weer lieve mensen tegenkomt: een rijke Britse vrouw, een vriendelijke tuinder, een heel getalenteerd straatmuzikantje. Telkens is het weer ‘Als familie’ (de voorspellende titel van hoofdstuk 12, die in het Frans ‘Mon premier ami’ luidt), telkens moet hij ze weer kwijtraken. Dat leidt tot zenuwslopende scènes, zoals de hoofdstukken waarin Rémi, invallend voor een pleegbroertje, in een kolenmijn opgesloten raakt. Gelukkig vallen er na die winternachten geen doden meer.
Klassieker
Maar wat maakt Alleen op de wereld nu zo klassiek, een boek uit 1878 dat nu nog tot een van de beste kinderboeken wordt gerekend? Ik denk dat de eenzaamheid, het verdriet en het doorzettingsvermogen van Rémi, universele herkenning oplevert. En het inzicht dat je ook familie kunt máken — tot het slot heeft de jongen alleen maar pleegfamilies — en daar gelukkig in kunt zijn. Komt bij dat de warmte tegenover dieren — de koe van moeder Barberin, de honden en het aapje van Vitalis — die gevoelens en inzichten niet tot mensen beperkt.
Fisschers bewerking is ook redelijk van de geografie van Frankrijk losgezongen, want schijnbaar had Sans famille ooit een Nils Holgersson-achtige, educatieve insteek, om over het land Frankrijk te vertellen. Nu is het een vertelling over ronddwalen, geluk vinden en verliezen. Als je je die thematiek voorstelt in eigentijdse kinderboeken, kom je bij Xavier-Laurent Petits aangrijpende De zoon van de berentemmer (vertaling Leny van Grootel), over een Roma-jongen wiens gezin in de Parijse banlieus in het nauw komt. Of bij Misjka van Edward van de Vendel en Anoush Elman. De Rémi's van vandaag zijn vluchtelingen, al dan niet alleenstaande minderjarigen, in Fort Europa. Hun verhalen zijn herkenbaarder: een schaakspel (bij Petit) of konijn (bij Van de Vendel en Elman) trekken je in hun rauwe werelden.
Uiteindelijk maakt dat niet uit: je volgt Rémi een paar jaar op weg, in de kou, met triomfen en teleurstellingen en uiteindelijk thuis. Hij verliest vrienden en familie, maar hij vindt ze ook. En dat voelt dan wel zeer verdiend.
Daan Stoffelsen is webshopmanager van athenaeumscheltema.nl en vader van twee.