Eva Rovers schreef Waarom we politiek niet alleen aan politici kunnen overlaten, een belangrijk boek – juist een week voor de verkiezingen. We legden haar onze vragen voor, ze beantwoordde er zes. Lees over Marietje Schaake, Albert Camus, Robin Wall Kimmerer, Richard Powers, Peter Wohlleben, Stephen Markley en haar eigen boek.
- Lees een fragment uit De rebelse held
- Lees een fragment uit Practivisme
- Lees Martin Smit over Practivisme
- Lees Maarten Dessing over Rovers' Büch-biografie
- Lees een fragment uit Richard Powers' Tot in de hemel (The Overstory)
- Bekijk 5 eco-klassiekers voor de Maand van het Natuurboek en de Dag van de Aarde, waaronder Robin Wall Kimmerers boek
Welk boek dring je op aan je vrienden?
De Tech Coup van Marietje Schaake. Iedereen moet uit de sluimerstand komen; we beseffen maar half (of nog minder) welke ontwrichtende invloed techbedrijven op onze democratie hebben. Vrijheid, voorspoed en veiligheid? We zijn ze als inwoners van een voorheen stabiele democratie voor lief gaan nemen, maar ze staan allemaal op de helling - met dank aan de techbedrijven waar we allemaal de hele dag door gedachteloos gebruik van maken en ook overheden zichzelf afhankelijk van hebben gemaakt. Op het moment dat je denkt dat de wereld en onze democratie reddeloos verloren zijn, komt ze gelukkig ook met heel concrete voorstellen om het tij te keren – en daarin hebben wij als inwoners ook een rol te spelen.
Welk boek heeft je leven veranderd?
De mens in opstand van Albert Camus. Tot 2016 was ik biograaf, ik schreef – met veel plezier – over historische figuren, maar ondertussen raasde het heden voort. Klimaatrecords die sneuvelden, Brexit, de eerste verkiezing van Trump, de groeiende populariteit van extreemrechts. Ik vroeg me af wat ik als gewone sterveling tegen dat soort grote ontwikkelingen kon doen. De mens in opstand bood uitkomst. Camus pleit voor ‘klaarlicht denken’, denken dat niet verblind wordt door ideologie of geloof, voor geweldloos verzet en collectieve opstand, die volgens hem zelfs een antwoord biedt op existentiële eenzaamheid (‘ik kom in opstand, dus wij zijn’). Het bleek een kruispunt voor mij. Geen biografieën meer. Voor de filosofiereeks Nieuw Licht schreef ik essay over de lessen van Camus voor de smartphonedemonstrant van nu. Sindsdien heb ik alleen nog geschreven over hoe ‘gewone’ mensen grote maatschappelijke verandering kunnen veroorzaken.
Welk boek heeft je een geweten geschopt?
Moeilijk kiezen tussen Braiding Sweetgrass van Robin Wall Kimmerer, The Overstory van Richard Powers en Het verborgen leven van bomen van Peter Wohlleben. Alle drie trokken ze me steeds verder uit het antropocentrische moeras. Dankzij deze boeken ben ik tot in ieder vezel gaan voelen dat wij mensen slechts een draadje in het weefsel van het leven zijn. Een weefsel dat we willens en wetens aan het verscheuren zijn. Het misplaatste superioriteitscomplex van de mens kan je cynisch of misantropisch stemmen, maar deze boeken zijn geen j’accuse. Ze bieden eerder compassie met die vreemde soort die we zijn. Vooral openen ze met hun poëtische taal een wereld waar we ons nauwelijks nog bewust van zijn: onze wereld, die magische plek in het universum waar het leven welig tiert en innig verbonden is.
Welk boek had je zelf willen schrijven?
The Deluge van Stephen Markley. Dit boek heb ik echt opgevreten. Markley bouwt een wereld in de nabije toekomst, waar je niet wilt zijn, maar waar je ook niet uit weg wilt. Je vergroeit met de personages, die in eerste instantie niets met elkaar te maken lijken te hebben. Een wetenschapper, een activist, een junk, die door de toenemende sociale, politieke en morele spanningen als gevolg van de klimaatcrisis elkaars paden kruisen. De totale ontwrichting en radicalisering bleken sinds het begin van dit jaar – sinds het aantreden van Trump – alles behalve fictief. Zo’n boek had ik zelf willen schrijven, een epische roman die heel grote thema’s als klimaatontwrichting en democratische aftakeling weet te vertellen via persoonlijke, diepmenselijke verhalen.
Waar genoot je het meeste van tijdens het werken aan dit boek?
De reportages: het was geweldig om naar de steden en regio’s te reizen waar al een burgerparlement bestaat en daar te praten met mensen die dat hebben ervaren. Hoe het is om bijvoorbeeld als gepensioneerde ‘afgehaakte’ vrachtwagenchauffeur, op je zeventigste voor het eerst te ervaren wat het betekent om mee te praten, mee te beslissen, om boven jezelf uit te stijgen en samen met anderen oplossingen te bedenken voor de grootste vraagstukken van onze tijd.
Wie moet dit boek zeker lezen? (En waarom)
Iedereen die zich zorgen maakt over de politiek, de democratie of de capaciteit van mensen om op een vreedzame manier tot oplossingen te komen. Burgerparlementen – een gelote afspiegeling van de samenleving - die nieuw beleid kunnen maken, bestaan al op allerlei plekken in Europa naast het gekozen parlement of gemeenteraad. Ze laten zien dat democratie zoveel meer is dan alleen verkiezingen en politieke partijen. Zet een groep heel verschillende mensen bij elkaar, zorg voor goede gespreksbegeleiding en toegang tot informatie, en hun collectieve wijsheid doet de rest. Geen polarisatie, geen partijpolitiek, geen holle beloften, maar een democratisch gesprek en constructieve oplossingen waar de hele samenleving wat aan heeft.