Leesfragment: Het archief

16 augustus 2024, door Thomas Heerma van Voss

23 augustus verschijnt de nieuwe roman van Thomas Heerma van Voss, Het archief, een ode aan de niche, aan rituelen en aan het onvermoeibaar vasthouden aan de dingen die, zinvol of niet, het leven de moeite waard maken. Wij publiceren voor! Lees een fragment en bestel vast je boek.

Er zijn verzoeken die je niet kunt weigeren. Zo twijfelt de jonge, ambitieuze Pierre geen moment wanneer hij gevraagd wordt als redacteur van Arabesk, een literair tijdschrift met een rijke geschiedenis. Vol frisse moed treedt hij toe tot de redactie en zo begint zijn nieuwe bestaan.

Pierre komt uit een gezin waar veel gelezen wordt, met een vader die als hoofdredacteur de gloriedagen van het geschreven woord meemaakte. Maar terwijl Pierre groeit in zijn rol als redacteur van Arabesk, kelderen de abonneecijfers. Soms lijkt alleen zijn vader nog te snappen wat de charme van het blad is, maar die zondert zich steeds meer af in zijn werkkamer, tussen stapels papier, obscure dvd’s en een radio die nooit uitgaat.

Hoelang moeten tradities en gewoontes in stand worden gehouden? En wanneer is het tijd om los te laten? Het archief van Thomas Heerma van Voss is een zowel geestige als ontroerende roman over een wereld die steeds verder verdwijnt.



 

Deel 1

Mijn vader vertrouwde spullen meer dan mensen. De torens van papier rondom zijn bureau, de tijdschriften en notulen, de poppenhuizen, tasjes, pennen en paperclips, dvd’s, videobanden: mijn moeder beschouwde het vooral als rommel, hij zag voorwerpen die hij door en door kende en die altijd nog eens van pas konden komen. ‘Je moet voorbereid zijn,’ zei hij op mijn zesde of zevende, de ruit van zijn Opel Vectra was ingetikt en het bleek dat hij mijn cassettebandjes preventief thuis had verstopt. Bedrog kon overal opduiken. Wisselgeld in de supermarkt diende nageteld te worden. Achter iedere goedlachse collectant kon een oplichter schuilgaan.
Vanaf zijn twaalfde had hij al zijn agenda’s bewaard. Daarin legde hij zijn dagen zorgvuldig vast, onvoorziene ontmoetingen en voetbaluitslagen noteerde hij ook. Op de laatste pagina’s stonden, steevast gecodeerd, de gegevens die nooit mochten kwijtraken. Het wachtwoord van zijn mailaccount duidde hij aan met ‘kluisbeveiliging bv Gerard Oegel’. Toen ik mijn eerste bankrekening opende, schreef hij in zijn agenda iets over het Italiaanse restaurant Pierre Rabopinni, gelegen aan de Via nog wat op nummer 1098.

Na een van mijn eerste biologielessen vroeg ik tijdens het avondeten wanneer ik verwekt was.
‘Gadverdamme,’ zei mijn broer.
Mijn moeder begon opgetogen over een broeierige avond in een hotelletje in Saint-Valery-sur-Somme, een badplaatsje met meer bootjes dan inwoners, later een vaste uitvalbasis halverwege onze zomerse autorit naar Bretagne.
‘Onmogelijk,’ zei mijn vader meteen. ‘Dan zou Pierre na dertien maanden geboren moeten zijn.’
Hij schudde zijn hoofd, verliet met vlugge passen de tafel, opende de glas-in-loodschuifdeuren die toegang gaven tot zijn werkkamer – ik zie hem nog lopen. Moeiteloos trok hij tussen het mikado van boeken en papieren het geschrift tevoorschijn dat hij zocht: zijn beduimelde Parker-agenda uit 1990. Hij bladerde, wees tevreden naar een decemberdag die in zijn keurige handschrift was volgeschreven. Afspraken met mensen die ik niet kende, een rits tijdstippen en cafés. Onderaan stond iets over een verjaardagsetentje bij Centra. ‘Daarna is het gebeurd,’ zei hij met gespeelde nadruk tegen mijn moeder, als een advocaat die een verdachte heeft klemgezet. ‘Zo jammer trouwens dat dat restaurant weg is.’
Op vakantie sleepte hij mijn broer en mij mee naar speelgoedwinkels, ieder jaar dezelfde, waar we beiden een poppetje mochten uitzoeken. Nooit deed hij ongeduldig of gehaast; tijd was op zulke zomerdagen grenzeloos. Pas jaren later besefte ik dat mijn vader daar niet stond als ouder, maar als gelijkgestemde. Hoewel vriendjes weleens dachten dat hij mijn opa was – mijn moeder en hij scheelden veertien jaar, toen ik werd geboren was hij eenenvijftig – kon hij helemaal opgaan in het breed uitgestalde aanbod van plastic superhelden en raketten. Was deze Luke Skywalker geen mooie aanvulling op onze collectie, vroeg hij kinderlijk enthousiast. Die Robocop-sleutelhanger zag er ook fijn uit, en wat dachten we van zo’n kleine metalen Opel, die heel erg leek op onze eigen auto?
Mijn moeder nam ons graag mee naar mooie wandelpaden en historische gebouwen, zoals ze gewend was om met haar leerlingen uit groep acht te doen. Maar omdat mijn vader nooit zin had, kwamen haar pogingen niet van de grond. ‘Jongens, hier in de buurt zit sinds kort een heel mooi nieuw museum,’ zei ze, ‘daar hangen prachtige schilderijen.’
‘Rustig laten hangen,’ zei hij.
Hij had veel vaste zinnetjes, die grotendeels afkomstig waren van zijn vader.
Als ik door de stad loop en iemand onoplettend zie oversteken, hoor ik hem zeggen: ‘Die is levensmoe.’ Bij een omhelzend stel: ‘Die is zeker bang dat ze wegloopt.’
Vrijwel alles was een ritueel. Op zaterdag stond mijn vader trouw langs de lijn van het voetbalveld waarop ik ploeterend verdedigde, ook toen ik allang volwassen was en mijn eerste teamgenoten zelf kinderen kregen. Zolang ik me kan herinneren gingen we samen naar de kapper, een uitje dat werd omgeven door tradities. Bij Concerto inspecteerden we de tweedehands dvd’s en platen, erna evalueerden we onze aankopen bij Van Dobben en deelden ondertussen broodjes filet en pekelvlees.
Op zondag installeerde hij zich in kamerjas voor de tv, met een stapel kranten – hij liep structureel maanden achter, langzaam namen nrc en de Volkskrant bezit van onze woonkamer – en dan bladerde hij er hoofdschuddend doorheen.
Om de zoveel minuten zei hij: ‘Nou, hier stond alweer niks in.’
Hoewel het nooit werd gezegd, was mijn vaders werkkamer duidelijk verboden terrein. Als kind fantaseerde ik er stiekem over om in die ruimte – die wereld – rond te dwalen. Dit was veruit de volste plek in een sowieso al vol huis. Toen mijn broer en ik nog verstoppertje speelden, opende ik soms stilletjes de schuifdeuren en verschool me tussen de meubels naast mijn vaders bureau. Stoelpoten met spinnenwebben; rijen tinnen speelgoedsoldaatjes; dozen vol Dunhill-sigaretten die mijn vader ooit met korting had gekocht; talloze fotoalbums, voorzien van plakkertjes met jaartallen (vrijwel alles door hem vastgelegd waardoor hijzelf amper op de foto’s stond); honderden romans en naslagwerken keurig in het gelid, ordners vol aantekeningen en decennia omspannende correspondenties. Al die spullen, een heel leven, bijeengehouden door een systeem dat ik nog moest doorgronden. Maar sinds mijn vaders pensioen kwam ik helemaal niet meer in die kamer. Hij zat er zelf vrijwel non-stop, rokend achter zijn bureautje, zijn paperassen, zijn laptop.
Wat hij deed? E-mailen, nieuws volgen, door oude schriften bladeren, verder wist ik het nooit precies. Zoals ik ook niet goed wist wat hij vroeger had uitgespookt. Iets met media, was lang mijn vaste uitleg aan nieuwsgierige klasgenoten. Eerst bij een opinieblad, later achter de schermen bij de radio, als freelancejournalist, hij zat in bestuurtjes, ging naar openingen en borrels, deed van alles door elkaar.
Toen ik rond de brugklas begon met lezen, toen veel van de namen die ik al eens uit mijn vaders mond had horen komen verantwoordelijk bleken voor kleurrijke verhalen, verscheen hij af en toe uit zijn privépakhuis met een nicotinegele roman die hij me trots overhandigde. Of hij reikte een artikel aan dat hij al zeker drie verhuizingen met zich had meegesleept. ‘Hier, over die dichter naar wie je laatst vroeg. Dit was veertig jaar geleden een prachtig stuk en dat is het nu nog steeds. Van welk mens kan je zoiets zeggen?’
Meer nog dan al het andere leerde mijn vader me dit: dingen waren niet zomaar voorbij. Gebeurtenissen vielen na te zoeken, lieten zich tot op het uur nauwkeurig reconstrueren. Mensen, ja, die konden zomaar verdwijnen, zonder dat iemand het zag aankomen of kon verklaren, maar spullen en woorden bleven bestaan.

 

© 2024, Thomas Heerma van Voss

Wil je van je bestaande account gebruikmaken op onze nieuwe website? Je behoudt dan onder meer je bestelgeschiedenis, reeds aangeschafte e-books en je persoonlijke verlanglijst. Als je toestemming geeft krijg je direct een mail om een nieuw wachtwoord in te stellen.

Voer een geldig e-mailadres in

Hostname: pro-mbooks3