Leesfragment: Stad van water en licht

12 september 2025, door Kester Freriks en Reinder Storm

18 september verschijnt Stad van water en licht. Amsterdam, een geschiedenis in kaarten door Kester Freriks en Reinder Storm! Wij publiceren voor. Lees een fragment en reserveer je boek.

Visionaire kaartenmakers en stadsarchitecten ontwierpen al honderden jaren geleden nieuwe plannen voor Amstelredamme, die ze vastlegden op kaarten. Zo is de wereldberoemde grachtengordel eerst getekend en ingekleurd als kaart, en daarna daadwerkelijk aangelegd. Dat geldt ook voor de Jordaan, de Pijp, de Watergraafsmeer, Plan-Zuid, Amsterdam-Noord en de wijken van nu en ook die van de toekomst.

De kaarten zijn van een wonderbaarlijke schoonheid en zeggingskracht. Je ziet de stad groeien, van veendorp tot wereldstad, van nederzetting tot havenplaats van waaruit de wereldzeeën werden bevaren. In de zeventiende eeuw waren stadskaarten kostbaar en gewild, als schilderijen. Ze sierden de wanden in de grachtenhuizen aan de Gouden Bocht en hingen prominent in het stadhuis en andere openbare gebouwen.

Stad van water en licht neemt de lezer mee op een fascinerende tocht door de geschiedenis van de hoofdstad vanaf het vroegste begin tot nu. Aan de hand van historische en hedendaagse plattegronden doorkruisen we de stad. Zo kunnen we prachtig zien dat de ontwikkelingen in de hoofdstad ook de ontwikkelingen van heel Nederland zijn.



 

Uit: Kester Freriks en Reinder Storm, Stad van water en licht

Ter inleiding

Van 1275 en 1538 tot 2050, en de tijd daartussen

De geschiedenis van Amsterdam toont zich in kaarten. Talloze kaarten. Vanaf de middeleeuwen tot op de dag van vandaag illustreren die de groei van de stad. Amsterdam is een van de meest in kaart gebrachte steden ter wereld, te vergelijken met die andere beroemde waterstad, Venetië.
Amsterdam is omringd door water en verwikkeld in een strijd met dat water, de stad is ervan afhankelijk en dankt zijn bestaan aan de ligging aan Amstel. Gebouwd op eilanden, negentig in aantal. Je kunt de stad zien als een samenstel van stukken grond en stroken water.
Historische kaarten wijzen ons de weg, niet alleen in de stad van dit moment, ook in die van vroeger. Ze zijn gidsen naar toen en nu, bieden ons toegang tot een stad in beweging. Dat laatste kenmerkt kaarten: ze werden en worden gebruikt om toekomstige ontwikkelingen te schetsen, iets dat gold voor de bloeitijd in de zestiende en zeventiende eeuw en dat geldt nog steeds.
Stadsplattegronden en stadsgezichten veranderen voortdurend, net als de stad zelf. Maar Amsterdam blijft door de eeuwen heen op een bijzondere manier trouw aan zichzelf. Leg je een historische kaart naast een hedendaagse, dan zijn de verschillen weliswaar talrijk maar er zijn ook verrassende gelijkenissen. Neem op een willekeurige wandeling kaarten van vroeger mee, in het echt of in gedachten, en de geschiedenis trekt aan je voorbij.
In het begin gaf de Amstel vorm aan de prille nederzetting. Totdat iemand een dam opwierp, en daarmee het omringende landschap naar zijn hand zette. Die rivier en die dam werden de naamgevers van een stad die wereldberoemd zou worden, ‘Amstelredam’.
Het spreekt niet vanzelf dat bewoners of bezoekers van een stad de historische dimensie ervan zien. De meeste mensen die de stad binnenkomen, zullen zich niet bewust zijn van de overeenkomsten met de zeventiende eeuw. Hoewel Amsterdam een lange en rijke geschiedenis kent, ligt het evenmin voor de hand de hoofdstad van ons land alleen te bekijken als een stad van vroeger, een stad uit vervlogen tijden. Daarvoor is de hedendaagse dynamiek te enerverend, de afleiding te groot. Toch ligt die stad van vroeger ook daar, je kunt hem zelfs aanraken. De oude, nieuwere en nieuwste stad wisselen als het ware stuivertje; ook dat spel is op de kaarten af te lezen. Stadsarchitecten en cartografen projecteren toekomstige ontwikkelingen vaak op eerdere plattegronden. Het is niet overdreven te stellen dat een stad als Amsterdam – en natuurlijk niet Amsterdam alleen – voortdurend in beweging is; straat na straat, gracht na gracht, wijk na wijk krijgen vaak andere gedaantes of andere betekenissen. In de infrastructuur vinden we sporen van het verleden terug én de allernieuwste ontwikkelingen.
In de late middeleeuwen, op 27 oktober 1275, verwierf Amsterdam het tolprivilege. Dat werd verleend door Floris v, graaf van Holland. Die datum geldt sindsdien als de ‘verjaardag’ van de stad. Dit heerlijke voorrecht betekende vrije handel – er hoefden geen belastinggelden betaald te worden. Daarmee begon de verbazingwekkende bloei. De perkamenten oorkonde, voorzien van de handtekening en het rode lakzegel van de graaf, werd bewaard in een zogenoemde charterkast. Deze stond in een aparte ruimte in de Oude Kerk, de IJzeren Kapel. In de vijfenveertig laatjes van deze kast bewaarde men de vele gedocumenteerde privileges, bekrachtigd met zegels, die de diverse landsheren de stad gunden. Drie sleutels waren nodig om de kast te openen. De IJzeren Kapel zelf was afgesloten met twee deuren: een ijzeren met twee sloten erop en een houten voorzien van een grendel.
Vanaf dat moment ging het snel, er was sprake van een groei die door niets leek te worden tegengehouden. Amsterdam werd welvarend, breidde zich uit, kreeg het aanzien dat het nog altijd heeft, het aantal inwoners nam in hoog tempo toe. Als je aan de hand van historische kaarten rondkijkt, kun je de geschiedenis in het huidige stadsbeeld nog steeds ontdekken. Geschiedenis voegt een of misschien wel meerdere dimensies toe aan het heden. De vroegste kaart en tegelijkertijd een van de mooiste is een rijkgeschakeerd schilderij, Gezicht op Amsterdam in vogelvlucht uit 1538 van Cornelis Anthonisz. Dit werk bepaalde lange tijd het beeld van de stad en vormt het begin van zijn cartografische ontwikkeling.
Soms heb je voor een ontdekkingstocht buitenstaanders nodig, zij zien Amsterdam vaak scherper dan degenen die dagelijks in de stad verkeren. Eén voorbeeld daarvan is de Hongaarse schrijver György Konrád (1933-2019) die regelmatig in de stad verbleef en er een speciale band mee had. In zijn novelle Amsterdam (1999) staat een mooie, enigszins romantische passage over de ‘zich altijd vernieuwende tijdloosheid van het water, waarin de betoverende huizen zich spiegelen en nog sprookjesachtiger lijken’.
Konrád prijst het pure licht boven de stad, daarbij verwijzend naar schilders uit de zeventiende eeuw. Daarin is hij is niet de enige. De Britse reisschrijver en zeezeiler Jonathan Raban (1942-2023) vaart diep in de nacht, om drie uur, door de stad, ‘op het uur van de uil en de vleermuis’. Op dat tijdstip gaan de bruggen open voor schepen met hoge, vaste masten. ‘De straatlantaarns en de waterspiegel van de grachten gaven Amsterdam een geheimzinnige, zilverig oranje nachtkleur,’ schrijft hij in het reisverhaal ‘Amsterdam’. Als na zijn nachtelijke tocht de ochtend aanbreekt, wordt hij evenals Konrád bekoord door het licht: ‘De stad was een zee van licht. De korte golven in de reusachtige haven weerkaatsten de zon als de puntige scherven van een verbrijzelde spiegel. Op de grachten was de weerspiegeling van de huizen zo scherp en duidelijk dat het leek alsof je ze hoorde rinkelen terwijl ze op het water tegen elkaar botsten.’
Aan deze passage is de titel voor dit boek ontleend. Konráds woorden over de ‘zich altijd vernieuwende tijdloosheid van het water’ klinken daarin mee.

Er is vaak gezegd dat je door het verleden het heden kunt duiden. Tot op zekere hoogte is dat waar, en historische cartografie bewijst het. Dankzij de kaarten van toen, van eeuwen her of van recenter datum, begrijpen we beter de ontstaansgeschiedenis van Amsterdam. Ook buitenlandse kaarten spelen mee. Geschiedenis is nodig om het heden te begrijpen en het verleden voor ogen te krijgen.
Al woon ik inmiddels ruim een halve eeuw in de stad, ik begon pas inzicht te krijgen in het hoe en waarom van de vorm, de inhoud en de uitstraling ervan toen ik me verdiepte in stadskaarten en plattegronden. De intrigerende, voor sommigen zelfs mysterieuze structuur van de grachtengordel, die eigenlijk geen gordel is maar een halve cirkel, begreep ik daardoor beter. De gedaante van de stad is meer dan eens vergeleken met een labyrint, ook wel met een spinnenweb, een waaier, een spiegelpaleis. Kwam je in de zeventiende eeuw, in de tijd van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden, in de stad aan dan trok de haven je met zijn legendarische ‘woud van masten’ als vanzelf naar zich toe. Amsterdam is vaak een ‘wonderstad’ genoemd, want hoe kon een nietig vissersdorp gelegen aan een traag stromende laaglandrivier in betrekkelijk korte tijd uitgroeien tot een zeemacht met een krachtige reputatie?
In de collectie van het Allard Pierson aan de Oude Turfmarkt, op de voormalige oever van het Rokin waar in vroeger tijden per schip turf werd aangevoerd, bevindt zich een onuitputtelijke schat aan historisch cartografisch materiaal, van handgetekende kaarten tot gegraveerde plattegronden, van schilderijen die de stad afbeelden tot reisgidsen. Alles met een loepzuivere weergavetechniek, oogverblindend mooi. Ongemeen spannend is het om die kaarten open te slaan en als het ware door de stad van destijds te dwalen en dan weer in het heden uit te komen. Tijdreizen.
De viering van 750 jaar Amsterdam vormde de aanleiding om de opkomst en bloei, maar ook de korte tijd van verval en teruggang te beschrijven aan de hand van kaarten, vanaf de allereerste van Anthonisz. uit 1538. We volgen de ontstaansgeschiedenis van de stad. Het jaartal 1275 is daarbij beslissend: de tolrechten deden de stad tot bloei komen. In het jaar van de vogelvluchtkaart was Amsterdam 263 jaar oud, of jong.
Als er in al die tijd één constante factor is aan te wijzen, dan is dat de drang om telkens de grenzen te verschuiven. Dat begon met de aanleg van de beide Burgwallen als een eerste vorm van uitbreiding en dat duurt voort tot in het heden, en zal zich voortzetten in de toekomst. Nu maakt de stad deel uit van de Metropoolregio Amsterdam, een bestuurlijk samenwerkingsverband dat sinds 2007 bestaat. De metropool Amsterdam strekt zich in alle richtingen uit, van Lelystad tot Zandvoort en van Heemskerk tot Hilversum, en omvat dertig omliggende gemeenten. Amsterdam ligt precies in het hart daarvan. Op nieuw ontworpen kaarten is dat goed te zien.
Stad van water en licht. Amsterdam, een geschiedenis in kaarten beschrijft de IJ-stad of Amstelstad van het vroegste begin tot in de toekomst en behelst de periode 1538 tot 2050, en alle eeuwen daartussen. De opzet van het boek is chronologisch. Toelichtende teksten op de kaarten van conservator Reinder Storm van het Allard Pierson gaan vooraf aan de vertellingen over de stad door ondergetekende. Waar de eerste de feitelijkheden van de kaarten beschrijft, gaat de tweede daadwerkelijk met de kaarten in de hand de stad in. Plattegronden wijzen de weg, ook al zijn straatnamen uitgewist of grachten soms verdwenen, we vinden aan de hand van de kaarten alle plekken terug.
Beschouwingen over de historie van Amsterdam, geïnspireerd door de rijkdom aan kaarten, bieden het ideale perspectief de ontwikkelingen van de stad uit te beelden, van Aemstelredamme via Amstelredam en Amsteldam tot de stad van nu.

Kester Freriks

 

Zonder kaarten ben je nergens

Iedereen vindt kaarten boeiend, behalve zij die het nog niet weten. Dat komt omdat kaarten een sterke symbolische kracht hebben, een kracht die ook emotioneel geladen is. Kaarten zijn veelal weergaven van een plek, en die heeft betekenis. Elk mens heeft een plek. En waar het levenspad een mens ook brengt, die plek zit in je hart. Daar waar je vandaan komt. Of waar familie oorspronkelijk woonde. Een plek om samen naartoe te gaan, om samen thuis te zijn.
Kaarten van zo’n plek spreken mensen rechtstreeks aan. Wie een kaart te zien krijgt van een stad of buurt of land waar hij of zij vandaan komt, zal altijd de plek aanwijzen waar men bekend is. Waar men heeft gewoond, of waar belangrijke dingen zijn gebeurd. En door goed te kijken is het dan vaak ook nog eens mogelijk om daar meer over te weten te komen. Bijvoorbeeld over de tijd waarin de kaart gemaakt werd.
En dan hebben kaarten zelf ook nog eens een eigen geschiedenis. Er zijn verhalen over hun makers, hun eigenaars, over tekenaars, graveurs, drukkers, inkleurders en verkopers. Over atlassen en globes. Ook daarachter gaat een boeiende wereld schuil. En kaarten kunnen ook juist iets verzwijgen of maar een deel van de werkelijkheid laten zien.
De meeste kaarten die in dit boek zijn afgebeeld worden bewaard bij het Allard Pierson, de collecties van de Universiteit van Amsterdam. Deels gaat de herkomst van het materiaal terug op de bloeitijd van de Nederlandse cartografische industrie in de zeventiende eeuw. Met name op dit punt zijn de collecties bijzonder rijk. Een andere belangrijke bron bij het Allard Pierson wordt gevormd door de grote collectie kaarten en atlassen die sinds 1880 in bruikleen aan de organisatie is toevertrouwd door het Koninklijk Nederlands Aardrijkskundig Genootschap. Dit is geen specifiek Amsterdams georiënteerde collectie, verre van; wel maakt een enorm aantal in Amsterdam gemaakte kaarten deel uit van deze verzameling. En daaronder bevinden zich ook kaarten van Amsterdam.
Nog een bron die hier genoemd moet worden is de collectie ‘Amstelodamica’ die is bijeengebracht door aartsverzamelaar A.M. van de Waal (1890-1968). Deze collectie is in 1969 door de Universiteit van Amsterdam aangekocht en bevat honderden kaarten van Amsterdam, waaronder enkele zeer uitzonderlijke.
Er zijn talloos veel kaarten van Amsterdam, en allemaal bevatten ze elementen die de moeite van het bekijken waard zijn. De omvangrijke cartografische collecties van het Allard Pierson herbergen niet álle kaarten van Amsterdam. Dat kan niet en het hoeft ook niet. Het zijn er genoeg voor een enorm caleidoscopisch overzicht van een eindeloos gevarieerd geheel, van de grootste, oudste en meest kostbare stukken, tot de eenvoudigste toeristenkaartjes. Ze weerspiegelen op oogverblindende wijze een verbazingwekkende geschiedenis.
Samen vertellen deze kaarten een bijzonder verhaal, met grote ontwikkelingslijnen en ongelooflijk veel details, die het verhaal telkens weer een beetje anders maken en nuanceren. In dit boek proberen we iets van die verhalen te presenteren. Het zou prachtig zijn als het inspireert tot kaarten bekijken, bij het Allard Pierson of ergens anders. En als het aanzet tot het opnieuw verkennen van Amsterdam en onverwachte ontdekkingen doen in de stad die je dacht al zo goed te kennen.

Reinder Storm

Gezicht op Amsterdam. Cornelis Anthonisz. 1538. Collectie: Amsterdam, Amsterdam Museum. Uit: Kester Freriks en Reinder Storm, Stad van water en licht

 

Copyright © 2025 Kester Freriks en Reinder Storm / Athenaeum—Polak & Van Gennep, Weteringschans 259, 1017 XJ Amsterdam

Wil je van je bestaande account gebruikmaken op onze nieuwe website? Je behoudt dan onder meer je bestelgeschiedenis, reeds aangeschafte e-books en je persoonlijke verlanglijst. Als je toestemming geeft krijg je direct een mail om een nieuw wachtwoord in te stellen.

Voer een geldig e-mailadres in

Hostname: pro-mbooks3