Leesfragment: Bloed en rozen

29 juli 2018, door Jacqueline Bel

Gisteren werd Jacqueline Bels Bloed en rozen. Geschiedenis van de Nederlandse literatuur 1900-1945 gepresenteerd. Wij brengen een fragment, over Anne Frank.

‘Omdat ze geen vriendin heeft aan wie ze alles kan vertellen, verzint ze de denkbeeldige “Kitty”, een alter ego, aan wie ze in alle openheid en in heldere taal brieven schrijft waarin ze noteert wat er in haar omgaat. [Hierdoor] is het dagboek zeer toegankelijk voor de lezer. [...] De beschrijving van het dagelijks leven in het achterhuis wordt afgewisseld met bespiegelingen van Anne, wat de levendigheid van het geheel ten goede komt en soms voor scherpe contrasten zorgt.’

Een watervlugge afwisseling van literaire generaties en hun tijdschriften, modes en stromingen, dat is de geschiedenis van de literatuur in Nederland en Vlaanderen tussen 1900 en 1945. Het is de tijd van de opkomst en ondergang van totalitaire ideologieën - die ook hun sporen nalaten in de letteren. Maar allesbepalend zijn de twee wereldoorlogen die de status quo van de negentiende eeuw vernietigen. Vlaamse dichters trekken in de Grote Oorlog ten strijde 'in een geur van bloed en rozen'. Oorlog verandert voorgoed de manier waarop schrijvers en dichters in de Lage Landen in de eerste helft van de vorige eeuw naar de wereld kijken.

De literatuur in tijden van oorlog, getekend door collaboratie en verzet, is integraal onderdeel van deze literatuurgeschiedenis in breedbeeld. Die ruime visie bestrijkt verder bijvoorbeeld het verschijnsel moderniteit, hoge én lage literatuur, jazz, literaire journalistiek, film, radio, maar ook de populariteit van vrouwelijke auteurs en koloniale romans.

Er staat in Bloed en rozen geen hek om de Nederlandse letteren. Literatoren in Noord en Zuid lieten zich inspireren door vakgenoten uit het buitenland en ook die 'literaire internationale' hoort bij de geschiedenis van de Nederlandse literatuur. 



5.5 Verborgen teksten: kamp- en onderduikliteratuur

De omstandigheden waaronder de bezetter gijzelaars vasthield in Sint-Michielsgestel waren mild vergeleken met de onmenselijke behandeling die joden ten deel viel. Toen de machinerie van de Holocaust in Nederland op gang kwam, werden 120.000 joodse volwassenen en kinderen door de nazi’s en hun handlangers op transport gesteld naar concentratie- of vernietigingskampen in Duits land en Polen, waar de meesten slachtoffer zouden worden van deze genocide.
Maar zelfs in gevangenis, op onderduikadres of in concentratiekamp grepen veel mensen toch naar de pen. En zo kwam een aanvankelijk ‘onzichtbare’ literatuur tot stand, die meestal pas na de bevrijding – soms zelfs vele jaren daarna – werd uitgegeven.
Na de oorlog verscheen er een stroom van kamp- en oorlogsdagboeken. Deze egodocumenten werden aanvankelijk vooral beschouwd als aangrijpende documents humains. Sommige van deze boeken werden bestsellers en kregen later ook het predicaat literatuur opgeplakt. Het dagboek van Anne Frank bijvoorbeeld, dat een onderduikperiode van twee jaar beschrijft, werd wereld beroemd. In 2010 waren er al meer dan 35 miljoen exemplaren van verkocht. Ook de geschriften van Etty Hillesum, David Koker, Philip Mechanicus en Abel J. Herzberg werden, zij het op beperktere schaal, zeer bekend. De historicus J. Presser, die het dagboek van Mechanicus inleidt, noemt het een egodocument, waarbij hij een onderscheid maakt tussen externe en interne egodocumenten. Dat van Mechanicus is volgens Presser duidelijk een voorbeeld van een extern egodocument, gericht op het noteren van waarnemingen, feiten, en uiterlijke ervaringen. Etty Hillesums dagboek behoort tot de andere categorie, die van het interne egodocument, vooral gericht op bespiegelingen en reacties op de buitenwereld. Veel kampdagboeken zijn een mengvorm van extern en intern egodocument, waarbij verschillende accenten gelegd worden. Vanuit Westerbork schreef Etty Hillesum enkele lange brieven die bijna het karakter hebben van een dagboek. In veel dagboeken wordt ook iemand toegesproken, waardoor het verschil tussen dagboek en brief soms maar klein is.

Antisemitisme

Hitlers anti-joodse maatregelen hadden in de jaren dertig in Duitsland al veel slachtoffers gemaakt. Vanwege de terreur vluchtten veel joden uit Duitsland weg, onder meer naar Nederland. Tot deze groep hoorden bijvoorbeeld de ouders van Anne Frank. Zij vluchtten na de machtsovername van Hitler eind 1933 met hun twee kinderen naar Amsterdam. Na het uitbreken van de oorlog nam de bezetter ook in Nederland al snel anti-joodse maatregelen, die steeds verder werden aangescherpt en die uiteraard ook schrijvers en vertegenwoordigers van het boekenvak troffen. Voordat de deportaties begonnen, had de be zetter joden al uit het maatschappelijke leven geweerd en hun bijvoorbeeld de toegang tot bioscopen ontzegd. Een andere maatregel was het verbod op boeken van joodse auteurs. Anne Frank noteerde op 15 juni 1942 op haar onderduikadres aan Prinsengracht 263 in Amsterdam in haar dagboek:

Na Mei 1940 ging het bergaf met de goede tijden: eerst de oorlog, de capitulatie, intocht der Duitsers, waarna de ellende voor ons Joden begon. Jodenwet volgde op Jodenwet. Joden moeten een Jodenster dragen. Joden moeten hun ?etsen afgeven. Joden mogen niet in de tram. Joden mogen niet meer in auto’s rijden. […] Joden moeten op Joodse scholen gaan en nog veel meer van dergelijke beperkingen.

[...]

Anne Frank en Het achterhuis

Het beroemdste dagboek over de oorlog is Het achterhuis van Anne Frank. Op een van de eerste bladzijden van het dagboek, dat ze in 1942 krijgt op haar verjaardag, schrijft ze: ‘Het komt me zo voor, dat later noch ik, noch iemand anders in de ontboezemingen van een dertienjarig schoolmeisje belang zal stellen.’ Zoals bekend zou het heel anders gaan. Na Annes dood werd het dagboek, nadat het door verschillende uitgevers was geweigerd, in 1947 uitgegeven. Het werd al snel in vele talen vertaald en werd mede door een lichtvoetige Amerikaanse toneelbewerking uit 1952, die eerst Broadway en vervolgens heel Amerika veroverde, wereldberoemd. In die bewerking was het gegeven dat Anne Frank als joods meisje vervolgd werd geheel naar de achtergrond verdwenen. Later volgden ook verfilmingen en tv-bewerkingen. In 2014 ging in Nederland het toneelstuk Anne van Leon de Winter en Jessica Durlacher in première.
Het dagboek werd aanvankelijk vooral gezien als een ontroerend document humain, een kroniek van een onderduik. De laatste jaren worden de literaire aspecten van de tekst belicht en is er niet alleen aandacht vanuit Holocaust studies, maar ook vanuit psychoanalytische hoek en genderstudies. Inmiddels is Het achterhuis een van de meest verkochte in het Nederlands geschreven boeken en is het in meer dan vijftig talen vertaald. Anne Frank is ook meer geworden dan de auteur van een beroemd dagboek: ze is uitgegroeid tot een symbool van de Jodenvervolging, tot een cultureel icoon. Philip Roth liet haar optreden in zijn roman The Ghost Writer (1979). Sommigen spreken van de ‘Anne Frank-industrie’. De nog steeds hoge bezoekersaantallen van het Anne Frankhuis – het ‘achterhuis’ in Amsterdam, dat in 1960 als museum werd ingericht – lijken dit te bevestigen. Het aantal schommelde in de jaren 2006-2010 rond de 1 miljoen belangstellenden per jaar. De herdenking van Annes tachtigste geboortejaar in 2009 werd gevierd met een nieuwe editie van Het achterhuis.

In haar dagboek doet Anne Frank verslag van de tijd dat ze met haar ouders en zus Margot én vier anderen ondergedoken is in het zogenoemde achterhuis aan Prinsengracht 263 in Amsterdam. Het gezin Frank, dat na de machts over name van Adolf Hitler in Amsterdam was komen wonen, moest in 1942 onderduiken. Twee jaar lang ging het goed, maar op 4 augustus 1944 werden de onderduikers gearresteerd en volgde deportatie, waarschijnlijk na een anonieme tip. Annes vader overleefde de oorlog, als enige van het gezin, en zorgde voor de – volgens sommigen al te zeer gekuiste – uitgave van Annes dagboek, dat ze na de arrestatie had achtergelaten in Amsterdam en dat ongeschonden de oorlog door was gekomen.
Het dagboek beschrijft de periode van 14 juni 1942 tot 1 augustus 1944, vlak voor het gezin gearresteerd werd. Op 6 juli 1942 begint de onderduiktijd. Het dagboek is in briefvorm geschreven, in het Nederlands, de taal die Anne en haar zus op school hadden geleerd en die op dat moment haar voorkeur had boven haar moedertaal, het Duits. Omdat ze geen vriendin heeft aan wie ze alles kan vertellen, verzint ze de denkbeeldige ‘Kitty’, een alter ego, aan wie ze in alle openheid en in heldere taal brieven schrijft waarin ze noteert wat er in haar omgaat. Door dit perspectief is het dagboek zeer toegankelijk voor de lezer. De verteller legt aan ‘Kitty’ uit hoe het achterhuis eruitziet, wie haar medebewoners zijn, hoe de dagen zijn ingedeeld, wat er zoal gebeurt, en ook hoe ze zich in de afgeslotenheid voelt. De beschrijving van het dagelijks leven in het achterhuis wordt afgewisseld met bespiegelingen van Anne, wat de levendigheid van het geheel ten goede komt en soms voor scherpe contrasten zorgt.
Anne verandert in de loop van de twee jaar zowel lichamelijk als geestelijk, en daarmee is het dagboek ook te vergelijken met een ontwikkelingsroman. Ze beschrijft de lichamelijke veranderingen en gaat in op haar ontluikende sek suele gevoelens. Van een puber die zich door iedereen bekritiseerd voelt, groeit ze uit tot een zelfbewust jong meisje, dat oog heeft voor morele, intellectuele en emotionele problemen en tot het inzicht komt dat haar persoonlijkheid verschillende kanten heeft. De zelfreflectie wordt in de loop van de tijd serieuzer, net als haar schrijfstijl. De dagboekbijdragen worden ook frequenter: de helft van het dagboek is in de laatste zeven maanden van de onderduik geschreven. Al tijdens de onderduik weet Anne dat ze journaliste of schrijfster wil worden.
In 1944 begint ze haar dagboek te herschrijven na een bericht op Radio Oranje van minister Bolkestein namens de regering in ballingschap: na de oorlog zouden dagboeken en oorlogsdocumenten van burgers worden ingezameld, om zo de geschiedenis van het Nederlandse volk in bezettingstijd te schrijven. Anne wil haar dagboek na de oorlog publiceren. Ze verandert de namen in de tekst en levert commentaar op eerdere passages. De naam ‘Kitty’ heeft Anne Frank ontleend aan de door haar bewonderde Joop ter Heul-boeken van Cissy van Marxveldt, een Nederlandse schrijfster uit de jaren twintig die decennialang immens populair was onder Nederlandse meisjes. Anne leest die boeken in het achterhuis en noteert: ‘ik ben enthousiast over de Joop ter Heul-serie. De hele Cissy van Marxveldt bevalt me in het algemeen bijzonder goed. ’n Zomerzotheid heb ik dan ook al vier keer gelezen en nog moet ik om de potsierlijke situaties lachen.’ Annes losse, soms humoristische toon herinnert aan Van Marxveldt: ‘Wie wil vermageren, logere in het Achterhuis.’ Naast de boeken van Van Marxveldt leest Anne nog veel meer, zoals Beets’ Camera obscura. Ze schrijft ook korte verhalen, die na de oorlog apart zullen worden uitgegeven en soms verweven zijn met het dagboek. Lezen, schrijven en studeren zijn de hoofdbezigheden in de ‘duik’.
In de twee jaar die Anne beschrijft krijgt de lezer niet alleen een indruk van de ontwikkelingsgang van een jong meisje, maar ook een beeld van het leven van een groep tot elkaar veroordeelde onderduikers, geheel afgesloten van de buitenwereld. Naast de vele spanningen en irritaties worden echter ook mooie en vrolijke momenten beschreven, zoals Annes verliefdheid op haar medeonderduiker Peter, die iets ouder is.Anne Frank beschrijft het leven in de onderduik tegen de achtergrond van oorlogsgeweld en Jodenvervolging, waaraan ze regelmatig refereert. Ook de angst voor ontdekking steekt regelmatig de kop op. De buitenwereld komt het achterhuis binnen via radioberichten, verhalen van enkele vertrouwelingen die de onderduikers helpen en hun eten of kleren brengen, of door beelden van de straat die Anne via een kier in het gordijn opvangt. De klok van de Wester toren, die elk kwartier luidt, levert een andersoortig contact met de buitenwereld en zorgt voor een besef van tijd. Regelmatig belicht Anne de steeds nijpender wor dende toestand van de joden. In 1942 schrijft ze: ‘Onze gedachten hebben net zo weinig afwisseling als wijzelf. Ze gaan steeds als een carroussel van de Joden naar het eten en van het eten naar de politiek.’ Soms roept het onderduiken in dit verband schuldgevoelens op, bijvoorbeeld wanneer ze in aansluiting op de voorgaande opmerking vertelt wat ze door de kier in het gordijn heeft gezien:

Tussen haakjes, van Joden gesproken, gisteren heb ik, alsof het een wereldwonder was, door het gordijn twee Joden gezien; dat was zo’n naar gevoel, net of ik die mensen verraden heb en nu hun ongeluk zit te beloeren.

S. Dresden acht, zoals gezegd, in zijn boek Vervolging, vernietiging, literatuur (1991) de aandacht voor de literaire vorm kenmerkend voor de joodse oorlogsdagboeken. In het dagboek van Anne Frank, dat inmiddels door velen tot de lite ratuur wordt gerekend (al blijven sommigen het als een ‘meisjesboek’ zien) zonder dat het zijn documentaire kracht verliest, wordt de aandacht voor de literaire vorm onder meer zichtbaar in de herschrijvingen van de tekst en de ge fingeerde namen. Ook is het fragmentarisch van karakter. Doordat Anne Frank haar dagboek herschreef, ontstonden er naast de versie die later door haar vader en uitgever werd geredigeerd, verschillende andere versies van de tekst, die pas in 1986 in een wetenschappelijke editie bijeen zijn gebracht, ook om de authenticiteit van het dagboek aan te tonen. Daar werd namelijk met enige regelmaat aan getwijfeld. De editie uit 1986 heeft het wetenschappelijk onderzoek naar de dagboeken een nieuwe impuls gegeven. Verschillende versies zijn in deze editie parallel afgedrukt, waardoor een fascinerend beeld ontstaat van een literaire tekst in wording, van herschrijvingen van een tekst die daardoor een open structuur heeft gekregen en telkens opnieuw uitnodigt tot lezing en interpretatie. Zo lijkt het schrijverschap van Anne Frank, dat veel te vroeg is beëindigd, toch een vervolg te krijgen in de activiteiten van de lezer.

 

© Stichting Literatuurgeschiedenis

Wil je van je bestaande account gebruikmaken op onze nieuwe website? Je behoudt dan onder meer je bestelgeschiedenis, reeds aangeschafte e-books en je persoonlijke verlanglijst. Als je toestemming geeft krijg je direct een mail om een nieuw wachtwoord in te stellen.

Voer een geldig e-mailadres in

Hostname: pro-mbooks3