7 november verschijnt de nieuwe roman van Édouard Louis in vertaling! Wij publiceren voor uit Monique ontsnapt (Monique s'évade), vertaald door Kiki Coumans. Lees nu vast een fragment en bestel je boek.
Op een avond belt de moeder van Édouard Louis hem huilend op terwijl hij in Griekenland is. Ze zegt dat de man met wie ze samenwoont te veel heeft gedronken en met agressief verbaal geweld tegen haar tekeergaat. Ze wilde haar zoon eerder niet ongerust maken en hield het gedrag van haar vriend verborgen, maar nu is de maat vol, ook omdat ze Édouards vader jaren eerder heeft verlaten om juist te ontsnappen aan huiselijk geweld.
Na Ze hebben mijn vader vermoord en Strijd en metamorfose van een vrouw vervolgt Édouard Louis in Monique ontsnapt het verhaal en het leven van zijn moeder, die gevangenzit in een wereld vol ongelijkheid en wreedheid.
I
Ze belde me halverwege de avond. Ze huilde. Ik was achtentwintig jaar toen ze belde en het was pas de derde, misschien de vierde keer sinds mijn geboorte dat ik haar hoorde huilen.
Ze vertelde aan de telefoon dat ze met de man die ze na haar scheiding van mijn vader had ontmoet en met wie ze nu in een dienstwoning in het centrum van Parijs samenwoonde, weer precies hetzelfde meemaakte, hij vertoonde hetzelfde gedrag als dat waar ze bij mijn vader twintig jaar onder had geleden, maar dan erger; hij dronk, veel, als de dag ten einde liep schonk hij het ene na het andere glas whisky in oude mosterdpotjes die tot drankglaasjes waren omgedoopt, en als hij had gedronken vernederde hij haar, begon haar uit te schelden en haar uit te maken voor
trut,
hoer,
kutwijf,
ik hoorde hem achter haar terwijl ze me belde, die februariavond, hij schold haar uit terwijl ze door het microfoontje van de telefoon met mij praatte, ik was er getuige van, ik hoorde die man tegen haar zeggen dat ze een trut was, een hoer, dat haar zoon – ik – een stomme homo was, dat haar andere zoons – mijn broers – een stelletje mislukkelingen waren en intussen kon zij niet stoppen, ze kon haar tranen niet inhouden, ze zei Heb ik me van je vader losgemaakt, dacht ik dat ik een nieuw leven zou krijgen en nu gaat het allemaal weer hetzelfde, nu gaat het allemaal weer precies hetzelfde, zei ze, haar woorden van tijd tot tijd onderbroken door snikken, Ik weet niet waarom ik zo’n rotleven heb, waarom ik me steeds op mannen stort die mijn geluk in de weg staan ik verdien het toch niet om zo te lijden,
heb ik soms iets slechts gedaan? Ik begon ook te huilen.
Haar tranen maakten mij aan het huilen.
Ik probeerde weer op adem te komen. Ik ging op de bank achter me zitten en zei: ‘Maak je geen zorgen, we vinden wel een oplossing’ – een zin die me door de omstandigheden werd ingegeven, waarschijnlijk had ik hem al honderden keren in films of op tv gehoord; in de meest dramatische situaties lijken onze reacties altijd het meest op elkaar.
Ik probeerde zo snel mogelijk na te denken: ‘Goed, ik weet wat we gaan doen. Je stopt wat kleren in een tas en je gaat meteen weg. Je gaat naar mij.’
Ze zou in mijn appartement terechtkunnen; ik wilde niet dat ze bij een man bleef die haar aanviel en haar pijn deed, ze moest zo snel mogelijk weggaan, een vriend die mijn sleutel had en die in Parijs was, kon haar binnenlaten, natuurlijk had ik mijn vriend nog niets verteld maar ik wist dat hij dat zou doen, ik wist dat hij me zou helpen – háár zou helpen. Ik legde aan mijn moeder uit dat ik al een paar weken in het buitenland was en daar nog twee weken voor werk moest blijven, ik kon niet meteen terug naar Frankrijk maar ik zou van een afstand doen wat ik kon.
Ze antwoordde:
– Ik denk dat ik sowieso niet de kracht heb om meteen weg te gaan. Ik ga morgen.
[…]
Copyright © 2024 Édouard Louis
Copyright Nederlandse vertaling © 2024 Kiki Coumans